All posts by Bomenstichting

Ivoordreef: autoritaire besluitvorming

Bij besluit van 2 december 2021 werd een kapvergunning verleend voor 67 bomen en het verplanten van 3 bomen ten behoeve van fase 2 op het adres Ivoordreef. Dat zijn dus bomen die tussen de flat aan de Ivoordreef (die gesloopt wordt) en de Einsteindreef staan en deel uitmaken van een stedelijke groenstructuur van Utrecht.

Er werd in de vergunning wel gezegd dat er pas gekapt mocht worden als het nieuwe bestemmingsplan is vastgesteld. Maar dat plan moet nog in procedure worden gebracht. Tegen die tijd is het mogelijk daar beroep tegen in te stellen. Zie hieronder de oude (links) en de nieuwe situatie (rechts).

  

Zoals bij vergelijking opvalt blijft er van de groenstructuur langs de Einsteindreef niet veel meer over. Hoe dat past in een beleid dat beoogt tot 2040 per saldo 60.000 bomen in de bebouwde kom bij te planten is onduidelijk, maar daar gaat het nu even niet over.

Wat zo ongelooflijk is, is dat er alvast een kapvergunning wordt verleend om de bomen langs de Einsteindreef weg te halen, terwijl het bestemmingsplan én de bouwvergunning voor die nieuwe situatie nog in procedure moet worden gebracht.

Een duidelijk signaal aan de bevolking dat het geen enkele zin heeft om in te spreken, bezwaar te maken of beroep in te stellen. Hoe het gaat worden staat immers voor het college al vast. Anders zouden ze die kapvergunning op 2 december 2021 niet alvast verleend hebben.

De Utrechtse Bomenstichting gaat in elk geval beroep en hoger beroep instellen en laat zich niet buitenspel zetten door deze wel zeer bijzondere autoritaire besluitvorming.

Vergroening Utrecht blijft steken in voornemens


Van de ‘vergroening’ van Utrecht kwam ook de afgelopen collegeperiode weinig terecht. Dat blijkt o.a. uit de hieronder weergegeven grafiek in de Evaluatie bomenbeleid 2016-2020. Volgens die grafiek was er geen toename van het aantal bomen en bleef die dus achter bij de toename van het aantal inwoners. Utrecht is een snel groeiende stad, maar het aantal bomen is sinds 2015 gelijk gebleven.

Het aantal bomen waarvoor een kapvergunning werd gegeven was in 2015 3103, in 2016 3169, in 2017 2002, in 2018 1773 en in 2019 1489. Dat het aantal bomen sinds 2015 gelijk is gebleven, daar moet, gelet op het aantal verleende kapvergunningen, ernstig aan getwijfeld worden. Utrecht heeft geen voor het publiek toegankelijke en verifieerbare database van het aantal bomen. De aantallen kapvergunningen worden sinds 2013 door de Utrechtse Bomenstichting bijgehouden.

Bij het door de gemeente gestelde gelijk blijven van het aantal bomen sinds 2015 moet overigens bedacht worden dat de gemiddelde leeftijd van bomen in Utrecht, anders dan de gemeente meent te weten, steeds lager wordt. Dat ligt voor de hand, want bomen die gekapt worden zijn vaak 20 jaar of ouder en als ze vervangen worden, worden ze als regel vervangen door jonge bomen die er op zijn minst 20 jaar over doen om net zo groot te worden als de bomen waarvoor zij in de plaats komen. Het gelijk blijven van het aantal bomen, ondanks dat er jaarlijks meer dan duizend bomen gekapt worden, kan alleen betekenen dat de gemiddelde leeftijd daalt. En dat betekent: minder groen, min­der schaduw en minder opname van CO2. Kortom: het gaat dus niet goed met het groen in Utrecht.

Strategie voor de toekomst
Op 8 maart 2022 stuurde het college een brief naar de gemeenteraad met als onderwerp Strategie voor groen. In die brief doet het college het voorkomen dat de gemeente ook nu al vergroent. Dat is dus niet waar. Immers het aantal bomen neemt ook volgens de gemeente niet toe en de gemiddelde leeftijd van de bomen neemt af.

Groot is dus het verschil tussen wat er tot nu toe terecht komt van de vergroening (namelijk weinig) en wat het college stelt na te streven volgens de Strategie voor groen: een toename met maar liefst 60.000 bomen (het huidige aantal zou 160.000 zijn). Uitgaande van een bevolkingstoename met 100.000 inwoners zou, om de beschikbare hoeveelheid groen per huishouden op het huidige niveau te houden, er 440 hectare groen in de stad bij moeten komen en 250 hectare groen buiten te stad. Aldus de collegebrief over de Strategie voor groen, waaraan onderstaande grafiek is ontleend.

   taakstelling vlgns collegebrief Strategie voor groen d.d. 8 maart  2022

Wie de twee grafieken vergelijkt moet vaststellen dat de vergroeningsvoornemens van het college voor de jaren 2022- 2040 wel erg abstract en optimistisch zijn. Immers, waarom zou het vanaf 2022 wél lukken om vooruitgang te boeken (en nog wel een heel spectaculaire vooruitgang), terwijl er in de periode 2015-2019 volgens de gemeente slechts sprake was (ondanks toename bevolking!) van stilstand?

Volgens de collegebrief levert het huidige budget van 3,2 miljoen per jaar slechts een klein aandeel in de bekostiging van de totale opgave. Daarvoor zou 80 miljoen nodig zijn per jaar tot 2040. De vraag is of het met die 80 miljoen per jaar wél gaat lukken en of vergroening alleen een financiële kwestie is. De brief van het college gaat niet concreet op die vraag in. We moeten het doen met een abstracte verhandeling over verbeteren van de werkmethodiek, onderzoek naar haalbaarheid, het op een rij zetten van ontbrekend juridisch instrumentarium en het in gang zetten van integrale afwegingen in het Meerjaren­perspectief Ruimte.

Wat het werkelijke probleem is, daar gaat het college niet op in. Dat probleem is dat de gemeente er voor gekozen heeft de stad aanzienlijk te verdichten (40.000 woningen erbij, inclusief alle kabels en leidingen, verharding en parkeerplaatsen) en dat het gevolg van die keuze is dat ruimte voor bomen en groen alleen maar kleiner wordt. Dat probleem los je niet op door 80 miljoen per jaar uit te geven om 60.000 bomen aan te planten en 440 hectare groen aan te leggen, want onduidelijk is waar al die bomen en al die groene hectares moeten komen.

Hoe concreet het probleem is blijkt uit de praktijk van de herplantplicht. Hoewel het de bedoeling van de herplantplicht is dat het aantal bomen minimaal op hetzelfde peil blijft (Zie toelichting APV) gaat de gemeente er regelmatig mee akkoord dat de te kappen boom slechts gecompenseerd wordt met wat klimop of wat struiken. Of gecompenseerd wordt met wat leiboompjes die al een paar jaar eerder waren geplant en dus helemaal geen compensatie zijn. En als je daar tegen aanvoert dat de APV toch ook voorziet in de mogelijkheid tot herplant elders in de gemeente, dan is het antwoord: maar wij weten niet zo gauw waar en “langdurig onderzoek instellen naar mogelijke locatie in de gemeente is te tijdrovend en kostbaar”.

In de Evaluatie herplantplicht d.d. 19-5-2020 wordt als knelpunt 6 genoemd dat er geen overzicht is van locaties waar herplant kan plaatsvinden. De vraag is dus: hoe serieus moet het voornemen genomen worden om binnen nu en 2040  60.000 bomen (3333 per jaar!) te planten als er niet eens een overzicht is van locaties waar te herplanten bomen kunnen staan?

Groen voor poen

“De hele stad wordt groener en gezonder en er zijn en blijven rustige plekken in de stad” De stad groeit naar 400.000 inwoners in 2027 en mogelijk tot 450.000 inwoners in 2040. Daar zijn niet alleen meer woningen voor nodig, maar ook meer groen. “De stad van de toekomst is een gezonde stad en een gezonde stad is een groene stad. In het groen kunnen we spelen en liggen, groen zorgt ervoor dat onze stad koel blijft en regenwater beter kan opnemen. In deze visie is opgenomen dat er veel meer groen komt in de stad, ook in bestaande wijken. Dat groen begint als je de voordeur uitloopt en loopt via heggen, plantsoenen en parken naar de prachtige landschappen aan de rand van de stad: 200 hectare in de honderden straten in de bestaande stad, 250 hectare in onder andere parken en 250 hectare aan landschap aan de rand van de stad”, aldus de vrome praatjes van de gemeente  als het gaat over de Ruimtelijke Strategie Utrecht 2040.

Vrome door reclamejongens- en meisjes verzonnen praatjes die haaks staan op de praktijk van het beleid van de gemeente. De praktijk is dat het groen in de stad bezig is in snel tempo te verdwijnen en dat er van voornemens om de stad groener te maken niets terecht komt. Allemaal leugens om meer aan de grond te kunnen verdienen, want bouwgrond brengt meer op dan grond voor groen. Wat er nog aan groen is wordt domweg te gelde gemaakt door de grond duur te verkopen als bouwgrond.

De gemeente roept dat er meer grote bomen moeten komen om de stad klimaatbestendig te maken, de praktijk is dat grote bomen worden vervangen door sprietjes en struiken omdat grote bomen in de weg staan aan nieuwbouw, verkeersreconstructies, leiding en kabels en het onderhoud zo duur is. De herplantplicht die bedoeld is om het aantal bomen minimaal gelijk te houden wordt door de gemeente ontdoken door struiken en klimop als compensatie te accepteren en zelfs struiken die er al jaren staan te accepteren als herplant voor nog te kappen bomen. Zie de kapvergunning voor de boom bij de Heerensociëteit.

Wat de gemeente bedoelt met meer groen wordt pijnlijk duidelijk bij de plannen voor een 70 meter hoge flat op het Rachmaninoffplantsoen tussen twee andere hoge flats. Daar worden een aanzienlijk aantal bomen aan opgeofferd en het gaat ten koste van wat er van het Hommelbos over is. Oplos­sing van de gemeente: een openbaar park bovenop de 70 meter hoge flat bij wijze van compensatie! Een “park” dus van 24 bij 24 meter, want dat is beoogde footprint van de flat. Nog een meevaller dat de gemeente niet voorstelt het park ondergronds aan te leggen, onder de parkeergarage wel te verstaan.

In het kader van de herinrichting Amsterdamsestraatweg (waar het autoverkeer gewoon 50 km mag blijven rijden omdat het er zoveel zijn) wil de gemeente ook al meer groen op straat. Om te beginnen om alle bomen (103 bomen) tot de Marnixlaan te kappen. Logisch want die beginnen al wat groter te worden en als ze een dwarsdoorsnede van 15 cm hebben heb je daar een kapvergunning voor nodig. Om dat te voorkomen worden ze dus weggehaald als ze bijna 15 cm zijn. Om vervangen te worden door sprietjes die dan over 10 jaar weer tijdig weggehaald worden.

En dan de klucht over Roost op het Paardenveld. Eerst beweren dat de vergunning maar tijdelijk is en dat er toch geen bomen voor hoefden te worden gekapt en als dan de 5 jaar voorbij zijn werpt D66 zich op om Roost toch nog een tijdje te laten blijven. De waarheid is dat de gemeente het zogeheten “Park Paardenveld” vol  wil bouwen. Al weer, omdat bouwgrond meer opbrengt dan groen. Maar zolang daar geen concrete plannen voor zijn mag het groen blijven, maar dan wel met die tijdelijke houten kroeg erop.  Alsof het niet erg genoeg is dat het Smakkelaarsveld naar de filistijnen is en het Daalsepark er ook al aan moet geloven.

Gemeente organiseert houtstooktrainingen samen met de houtstookbranche

“Tijdens de training leert u alles over schoner en zuiniger stoken en hoe u uw kachel of open haard brandveilig gebruikt. Het wordt een avond met verrassende en praktische tips, ook voor ervaren stokers.” De avond wordt georganiseerd in samenwerking met de Nederlandse Haarden- en Kachelbranche. Aldus de oproep van D66 wethouder Eerenberg van milieu.

Het stoken van hout is om meerdere redenen verwerpelijk. Niet alleen draagt het belangrijk bij aan de uitstoot van fijnstof (om fijnstof in de lucht te verminderen is de milieuzone ingevoerd) en allerlei kankerverwekkende stoffen, het zorgt ook voor de uitstoot van veel CO2 (klimaatopwarming).

De gemeente Utrecht heeft de klimaatnoodtoestand uitgeroepen. Daarbij past niet dat je trainingen organiseert voor houtstoken. En al helemaal niet in samenwerking met de Nederlandse Haarden- en Kachelbranche. Het stoken van hout moet domweg verboden worden.

Dat hout per saldo minder CO2 uitstoot dan gas is grote onzin, het stoot bij verbranding juist veel meer uit. Tegen dat argument pleegt te worden in gebracht dat de groei van nieuwe bomen toch ook CO2 uit de lucht opneemt. Dat is een tegenargument tegen beter weten in.

Een kind kan namelijk bedenken dat het hout van een boom heel snel is opgebrand, maar een nieuwe boom vele jaren nodig heeft om net zo groot te worden als de boom die voor brandhout is gekapt. Dat betekent dus er per saldo veel meer CO2 wordt uitgestoten dan er door vervangende nieuwe bomen uit de lucht wordt opgenomen.

Overigens, door de gestegen gasprijzen en doordat de overheid meent dat wij van het gas af moeten, is de vraag naar brandhout enorm toegenomen. Dat wordt dus ingevoerd uit de VS, Canada en Baltische staten ten koste van oerbossen (en door heel veel gasolie te gebruiken in verband met transport per schip).

De toegenomen vraag naar brandhout heeft ook tot gevolg dat onze eigen bossen er aan gaan, onder andere door er productiebossen van te maken.

Wat bezielt het college van D66, GroenLinks en CU om mee te werken aan houtstooktrainingen samen met de houtstookbranche? Je gaat haast denken dat er nogal wat houtkachels staan bij de achterban van de coalitiepartijen.

Ruim 100 bomen zouden moeten worden gekapt op Amsterdamsestraatweg

Amsterdamsestraatweg wordt door herinrichting (8 miljoen) niet verkeersveiliger. Bomen worden voor niets gekapt.

“De voorgestelde maatregelen leiden op de Amsterdamsestraatweg tot een daling van ongeveer 11.000 auto’s per dag naar 9.000. Zonder ingrijpende maatregelen is het niet aannemelijk dat de intensiteit op deze weg de komende jaren structureel zal dalen. De Amsterdamsestraatweg zal daarom ongeveer 9000 auto’s per dag blijven verwerken. Dat betekent dat een 30 km/uur inrichting met menging van verkeer (en inrichting als fietsstraat) geen optie is. Hierdoor is het niet mogelijk gebleken om wezenlijk meer ruimte voor fietsers en voetgangers te creëren en om daarmee het verkeersveiligheidsvraagstuk op te lossen”.

Aldus de gemeente zelf in Raadsbrief-Resultaat-vervolgonderzoeken-verkeersstudie (29 mei 2020), waarnaar verwezen wordt in het IPvEF Herinrichting Amsterdamsestraatweg (p.4) waarover de raad een besluit moet nemen. Met andere woorden, de gemeente gelooft zelf niet dat de herinrichting (8 miljoen) betekent dat de Amsterdamsestraatweg niet langer de gevaarlijkste straat blijft van Utrecht. En terecht, want wie het document goed leest zal tot de conclusie komen dat er vrijwel geen verschil is tussen het oude en nieuwe straatprofiel, dat de herinrichting neerkomt op een wat andere stoffering en dat de nieuwe situatie mogelijk zelfs nog meer onveiligheid tot gevolg heeft. Een heel ander verhaal dus dan wat de gemeentelijke voorlichters de wereld in hebben geholpen (en wat kritiekloos door de meeste media is gekopieerd)

Het plan om alle bomen te kappen is overigens absurd, want de nieuwe bomen (boompjes) krijgen niet meer ruimte en zullen het dus niet beter doen dan de bestaande bomen. Bestaande bomen gewoon laten staan en meer lucht en voedingsstoffen geven.

Motie kappen met kappen III

Interessante uitspraak Raad van State d.d. 13 augustus 2021

In 2006 nam de gemeenteraad de motie Kappen met kappen III aan. De motie hield in dat een kapvergunning die verleend wordt om een project te realiseren (wegen, woningbouw) pas mag worden gebruikt als voor dat project alle benodigde vergunning bruikbaar zijn geworden.

‘Bruikbaar’ houdt in dat daar geen beroep meer tegen mogelijk is. De motie werd aangenomen nadat de rechtbank in Utrecht besloot dat de gemeente geen 192 bomen alvast mocht kappen vooruitlopend op de vergunning voor de aanleg van de fly-over 24 Oktoberplein.

De motie en de uitspraak hadden als reden dat degene die een vergunning heeft gekregen om te kappen ihkv een project er geen belang bij heeft de bomen alvast te kappen zolang niet vaststaat dat het project mag worden uitgevoerd. Het ontbreken dus van een belang.

In de APV staat dat het belang om te kappen moet worden afgewogen tegen het belang van het behoud van de bomen. Zolang er geen belang is om te kappen mogen bomen dus blijven staan. Ook als het niet zulke bijzonder waardevolle bomen zijn.

Op 1 september 2020 werd aan Altro een kapvergunning verleend voor het kappen van 5 bomen op een braakliggend terrein op de Kovelaarstraat. Altro wil daar 7 woningen bouwen. Toen de kapvergunning werd verleend was er nog niet eens een ontwerpbesluit om die woningen te bouwen.

Inmiddels (maart 2021) is er wel een ontwerpbesluit voor die woningen, maar het besluit is er nog niet. Daar zal bezwaar en beroep tegen worden ingesteld. Voorlopig heeft Altro er dus geen belang bij die bomen alvast te kappen.

De gemeente dacht daar anders over. Volgens het besluit op het bezwaar tegen de kap van die bomen zou het indienen van een aanvraag om woningen te bouwen al genoeg reden zijn om een kapvergunning te verlenen en te gebruiken. Dat is dus in strijd met de motie Kappen en kappen III.

Bij de rechtbank voerde de gemeente met succes aan dat de motie Kappen met kappen III maar een motie was van de gemeenteraad, waar het college niet aan zou zijn gebonden.

In de recente uitspraak d.d. 13 augustus 2021 oordeelde de Raad van State echter dat Altro er geen belang bij heeft die 5 bomen alvast te kappen, ook niet als dat nodig zou zijn om de grond te saneren en geschikt te maken voor de (nog niet vastgestelde) woningbouw.

Mooie uitspraak, daar kunnen we ons dus voortaan op beroepen.
https://www.raadvanstate.nl/uitspraken/@126486/202104112-2-r4/

Nog meer ontduiking herplantplicht

Kovelaarstraatbouw B.V. wil 7 koopwoningen bouwen op een stuk grond aan het eind van de Kovelaarstraat, grenzend aan de begraafplaats Kovelswade en de Oosterspoorbaan. Voor die 7 woningen is veel ruimte nodig, ook in verband de aanleg van 15 parkeerplaatsen.

Om de grond te kunnen bebouwen moesten alle bomen weg: 30 bomen die een diameter hebben van meer dan 15 cm. Voor het kappen daarvan heb je dus een vergunning nodig. Aan die vergunning wordt tegenwoordig het voorschrift verbonden dat die bomen één op één moeten worden gecompenseerd.

In het eerste herbeplantingsplan zaten maar 15 bomen. Daar kan de gemeente niet mee akkoord gaan. De aanvrager kreeg het advies om samen met de groenadviseur van Ruimte te kijken waar nóg 15 bomen geplant konden worden.

Als oplossing werd bedacht om langs het parkeerterrein een rijtje van 15 leibomen te planten die samen een haag vormen. Om de meter een boompje. Een rij boompjes waarvan de takken met elkaar een vlechtwerk vormen. Slim gevonden want die nemen vrijwel geen ruimte in beslag en blijven lekker klein.

De vraag is echter of die leiboompjes volwaardige compensatie bieden voor grote volwassen vrijstaande bomen. Natuurlijk niet, maar daar liggen ze bij de afdelingen Groen en Vergunningen kennelijk niet wakker van. Straks worden alle bomen in Utrecht vervangen door leiboompjes. Dan kunnen er nog veel meer wegen en woningen bij.

Nep compensatie

Sinds enige tijd is de Algemene Plaatselijke Verordening, op basis waarvan een kapvergunning kan worden verleend, een bepaling rijker. Bomen die worden gekapt moeten één op één worden gecompenseerd.

Dat compenseren moet bij voorkeur op eigen terrein of in de buurt gebeuren. Lukt dat niet dan mag die compensatie ook aan de andere kant van de stad plaatsvinden. En als dat niet lukt mag de compensatie afgekocht worden door de “boomwaarde” in de kas van de gemeente te storten.

De grote volwassen bomen die gekapt werden om hockeyvelden in de Vechtstrook aan te leggen werden deels gecompenseerd langs de M.L. Kinglaan: 42 sprietjes.

Van serieuze compensatie was geen sprake. In de eerste plaats omdat het plan om boompjes te planten langs de M.L. Kinglaan al lang genomen was voordat het besluit genomen werd de bomen langs de Vechtstrook te kappen. Met andere woorden: toen de plannenmakers besloten de bomen bij de Vechtstrook te kappen is er gezocht naar boompjes ergens in de stad die net waren geplant of binnenkort toch al zouden worden geplant en die zouden dan de compensatie gaan vormen.

Ook om een andere reden was van compensatie geen sprake. Bij de aanleg van de fly-over zijn destijds 192 volwassen bomen gekapt. Langs de M.L. Kinglaan was het nog steeds een kale boel. Vandaar die 42 sprietjes, die dus in feite de (povere) compensatie waren voor die 192 bomen.

Kortom: de gemeenteraad kan nu wel beslissen dat elke te kappen boom één op één moet worden gecompenseerd, de ambtelijke dienst die plannen maakt waarbij bomen in de weg staan, vindt daar wel wat op zodat er niet echt gecompenseerd hoeft te worden. Want bomen nemen maar ruimte in beslag.

Groen en corona

Als nu iets is gebleken door de coronapandemie is dat mensen te dicht op elkaar leven, wonen en werken, waardoor infecties makkelijk worden overgedragen. Dat kan je in een stad als Utrecht goed zien als het weer het toelaat een luchtje te scheppen, te gaan wandelen of ergens langs het water of in het groen te gaan zitten. Dan zie je overal mensen te dicht op elkaar zitten en wandelen.

Dus niet elke vierkante meter in de verkoop doen, geen reststukjes groen verkopen en geen vergunning geven om alles wat groen is vol te bouwen. Dus ook stoppen met verdichten door grondgebonden woningen te vervangen door hoogbouw, waardoor meer bewoners met minder groen en minder openbare ruimte moeten doen.

Nog steeds lezen we echter in de toelichting bij elke verleende kapvergunning dat er voldoende bomen in de buurt zijn die de ecologische betekenis kunnen overnemen van de bomen waarvan de kap verleend wordt. Maar dat stadium zijn we al lang voorbij.

Zowel wat betreft het aantal bomen per inwoner (0.5 boom) als wat betreft aantallen vierkante meters groen scoort Utrecht slecht en met het jaar slechter. Het is dankzij ruimer opgezette wijken als Leidsche Rijn dat Utrecht niet nog veel slechter scoort.

Bij dat aantal bomen per inwoner moet overigens bedacht worden dat in Utrecht de gemiddelde leeftijd van bomen steeds lager wordt doordat volwassen bomen worden geofferd aan verharding en bebouwing en gecompenseerd/vervangen worden door jonge aanplant en bomen die klein blijven en minder ruimte innemen.

In de Staat van Utrecht 2018, uitgave van de provincie en de stad Utrecht staat een onthutsende tabel, waaruit blijkt dat er per inwoner maar 0,04 ha dagrecreatie, 0 ha natuur en 0 ha natuurlijk terrein is. En dan hebben ze nog het gemiddelde genomen van de stad. Zou je alleen de binnenstad e.o. nemen, dan praat je bijna over één en al steen.



Kappen met kappen III

In 2006 nam de gemeenteraad de motie Kappen met Kappen III aan. De motie hield in dat er pas gekapt mocht worden om een bouwproject te realiseren als er voor dat bouwproject een “bruikbare” vergunning was.

Een bruikbare bouwvergunning is een vergunning waar de bouwer ook echt juridisch gezien mee aan de gang kan. Een bouwvergunning dus die niet alleen verleend is, maar die door de rechtbank in stand is gelaten als daar beroep tegen is ingesteld of een voorlopige voorziening is gevraagd. Dus als de uitspraak is dat het beroep tegen de bouwvergunning ongegrond is of de voorlopige voorziening (schorsing van de vergunning) is geweigerd.

Jarenlang heeft de gemeente Utrecht zich netjes aan die motie Kappen met Kappen III gehouden, maar opeens komt daar de klad in. Misschien omdat de herinnering aan die motie langzaam is vervaagd doordat die niet is doorverteld aan nieuwe ambtenaren en nieuwe wethouders. Daarom is belangrijk die motie opnieuw in te prenten.

Hoe nodig dat is blijkt uit het besluit op bezwaar voor de kapvergunning voor een stukje grond op de Kovelaarstraat. Altro Projects wil daar een aantal woningen bouwen. Hoeveel en wat voor woningen is niet duidelijk want er is geen vergunning verleend. De procedure is nog steeds niet verder dan de aanvraag. Misschien vindt de gemeente 7 woningen teveel of vindt de gemeente de woningen te groot. Misschien wil de gemeente daar helemaal geen woningen. De huidige bestemming is “begraafplaats” en je kunt je voorstellen dat het college die bestemming niet wil wijzigen.

Ondanks de onzekerheid en onduidelijkheid van Altro’s bouwproject heeft het college alvast maar een kapvergunning verstrekt voor 5 bomen. Dat zou dan zijn om de bodem alvast te kunnen saneren. Maar dat saneren is niet nodig als er geen woningen komen. Grond waarop woningen komen moet aan hogere eisen voldaan als grond waarin mensen worden begraven of grond waarop een weg wordt aangelegd.

In het besluit op bezwaar van 23-2-2021 staat ook nog “het meest belangrijke aspect is dat wij slechts in zeer beperkte mate kunnen sturen in de keuze van de grondeigenaar wat hij met zijn grond wil doen”. Dat is een wel heel vreemd argument, want er is een bestemmingsplan waar de eigenaar zich aan houden moet én het college is vrij om ervoor te kiezen om daar al of niet van af te wijken. Met “die beperkte mate” valt het dus nogal mee.

Tegen het besluit op bezwaar is beroep ingesteld en er is verzoek gedaan aan de rechtbank om de kapvergunning te schorsen tot op het beroep tegen de kapvergunning is beslist.